als we niet hier kunnen groeien, doen we dat elders


Peter Wennink, vertrekkend topman van ASML

NOS Nieuws

  • Nando Kasteleijn

    redacteur Tech

  • Nando Kasteleijn

    redacteur Tech

Als de politiek niet oppast, is het risico groot dat Nederland voor chipmachinemaker ASML te klein wordt. Dat is de stevige waarschuwing van Peter Wennink, de vertrekkend bestuursvoorzitter van een bedrijf dat wordt gezien als een kroonjuweel voor de Nederlandse en Europese economie. Hij maakt zich grote zorgen, zegt hij vandaag in gesprek met de NOS.

Uit Nederland kan het bedrijf al niet voldoende personeel halen, het bedrijf kijkt per definitie over de grens. En juist de komst van kenniswerkers uit het buitenland, staat onder druk. Het bedrijf telt wereldwijd meer dan 42.000 medewerkers, van wie iets meer dan de helft in Nederland zit. 40 procent van hen komt uit het buitenland.

“Je ziet allerlei bewegingen langskomen die het voor internationaal opererende bedrijven die bijvoorbeeld internationaal expertise nodig hebben, moeilijker maken om in Nederland zaken te gaan doen”, zegt Wennink. “Dat is slecht voor Nederland, slecht voor onze economie, slecht voor onze welvaart.”

Alle groei naar buitenland

Dat betekent niet dat ASML vertrekt uit Nederland. Het bedrijf is hier nog steeds flink aan het uitbreiden en heeft hier ook veel belangrijke toeleveranciers zitten. Maar het risico is dat als ze hier niet de juiste mensen kunnen krijgen, dan álle toekomstige groei naar het buitenland gaat.

Wennink: “Uiteindelijk moeten wij aan onze klanten leveren wat onze klanten nodig hebben. En die chipindustrie gaat alleen maar groeien. We doen het liever hier. Maar als het hier niet meer kan, dan doen we het ergens anders.”

Van de formerende partijen kent Wennink alleen VVD-leider Yeşilgöz. En hij zegt te begrijpen dat de partijen nu ook nog niet echt aandacht hebben voor Veldhoven. “Maar er komt een second waarop we wel die dialoog aan moeten gaan. En eigenlijk beter en meer intens en meer gefocust dan in het verleden.”

Dat hij met deze boodschap zijn periode als CEO afsluit, zegt ook iets over het gezag dat hij nu in het bedrijfsleven en in de politiek heeft. Toen Wennink in 2013 begon als baas van ASML was zowel hijzelf als het bedrijf waar hij de leiding over kreeg relatief onbekend in het grote bedrijfsleven en de politiek.

In december mocht Wennink koning Willem-Alexander en de president van Zuid-Korea nog rondleiden op de ASML-campus en de allernieuwste machine tonen:

Koning Willem-Alexander en de president van Zuid-Korea op bezoek bij ASML

Het verschil met nu kan haast niet groter. De chipmachinemaker is het waardevolste bedrijf van Nederland en essentieel voor de wereldwijde chipsector. Wennink werd daars, zeker de laatste jaren, het gezicht van. Hij begon in 1999 bij ASML en kwam van accountantskantoor Deloitte, waar hij de beursgang van het bedrijf begeleidde. Daarna werd hij eerst nog financieel topman.

Een jongensboek

Wennink noemt zijn tijd als hoogste baas van de hightechgigant een jongensboek. “Een waarbij je ook wel rekening moet houden met een aantal bullies waarmee je ook door de bocht moet. Dat had ik nooit kunnen bedenken. Need iedereen wil wat van ons. En dat is niet altijd met elkaar in overeenstemming.”

Het zijn de laatste jaren die Wenninks tijd als topman – in ieder geval naar buiten toe – vooral hebben getekend. Vanaf 2018 kreeg hij langzamerhand steeds meer te maken met geopolitieke krachten.

Vorig jaar onthulde NRC nog dat ASML op verzoek van het kabinet, onder druk van de Amerikanen, een failliete start-up uit Delft kocht. De technologie mocht namelijk echt niet in handen komen van China. Dat was nog voordat hij te horen kreeg dat het nieuwste paradepaardje van het bedrijf, de EUV-machine, niet naar China mocht. Sindsdien is de geopolitiek nooit ver weg.

Tegen wil en dank

Het dwong daarmee Wennink politiek te bedrijven. Tegen wil en dank. Need ASML wil boven alles gewoon handel drijven. Ook met China. Alles wat hij tegenwoordig zegt, wordt gewogen op een gouden schaal. Zijn woorden doen ertoe. Niet alleen in de wereldwijde chipsector, maar zeker ook in Den Haag, Washington en Peking.

Iets waar hij zichzelf van bewust is. “We hebben een speciale positie. Dus dat geeft ons ook wel een plek aan tafel. En ik heb ook wel het idee dat mensen luisteren.”

Scroll naar boven